Meditatie 1

Een godsgeschenk, ons in de hand gelegd…


Deze woorden vormen het begin van het Lied van de vrijheid van de dichter René van
Loenen, gebaseerd op woorden van Bonhoeffer over vrijheid. Vrijheid als een godsgeschenk.
In het kader van 75 jaar Bevrijding is in veel gemeenten aandacht gegeven aan het werk van
Bonhoeffer, die in verzet kwam tegen het nazisme. Die houding kostte hem zijn leven.
Een minder bekende naam is in ons eigen land die van de Amsterdamse predikant Jan
Koopmans. Hij was in de oorlogsjaren verbonden aan de Noorderkerk. In één nacht schreef
hij de bekende brochure Bijna te laat. Het was een schreeuw, een vlammend protest om de
gewetens van velen te scherpen als reactie op maatregelen van de bezettende macht. Hij
begreep al vrij snel dat de joden de dupe zouden worden van onrecht en discriminatie. De
directe aanleiding was de Duitse verordening van 30 september 1940: overheidsbeambten
dienden een verklaring te tekenen dat zij niet van joodse bloede waren (de zogenaamde
Ariërparagraaf) In de oproep van Koopmans horen we: Het is nog niet helemaal te laat om
de Duitsers te laten zien, dat hun goddeloosheid niet alle dingen overwint, maar dat er ergens
mensen wonen, die hun christelijk geloof en hun goede geweten niet laten roven
. Koopmans
had een kamer aan de Stadhouderskade, waarvan de voorzijde uitzag op het
Weteringplantsoen, zijn vrouw- die met gezondheidsproblemen kampte- en kinderen
woonden in Breukelen. Tot op vandaag kun je aan het Weteringplantsoen op een gedenkmuur
de bekende woorden van de verzetsman H.M. van Randwijk lezen: Een volk dat voor tirannen
zwicht, zal lijf en goed verliezen, dan dooft het licht.
Op 12 maart 1945 werden daar, als
represaillemaatregel 24 mensen (onder wie een vijftienjarige jongen die om zijn moeder bleef
roepen) in koelen bloede gefusilleerd. Vanuit zijn kamer kon Koopmans zien wat er beneden
gebeurde. Een “verdwaalde kogel” vloog over de slachtoffers heen en raakte Koopmans in het
hoofd. Twaalf dagen later overleed hij, net als Bonhoeffer, op 39-jarige leeftijd. De
verzetsbeweging leed een gevoelig verlies. Het is goed om zijn naam 75 jaar later in
herinnering te roepen. Dat gebeurde ook al eerder, toen in 2013 Freek de Jonge een cd
uitbracht met onder meer het liedje Jan Koopmans. Dat draaide om de genoemde brochure
Bijna te laat! In dat liedje vraagt de Jonge zichzelf af: Wat maakt een mens een held? Ik denk
niet dat Koopmans zichzelf als een held beschouwde. Net als Bonhoeffer deed hij wat gedaan
moest worden en wat je mag verwachten van iemand die denkt vanuit het rijk van Jezus
Christus dat komt.
Wat maakt een mens een held? We kunnen het Koopmans en Bonhoeffer niet meer vragen. Ik
kan me wel oriënteren op hun woorden en levensinzet, zoals verwoord in het lied van René
van Loenen:

Die vrijheid vraagt van ons gehoorzaamheid,
niet aan een leider, macht of majesteit,
maar aan de bron, het hart van ons geweten,
de stem van God, de moeder van het leven.
In vrijheid klinkt een lied
een lied dat zingt
van wederzijds respect
voor wie je bent,
gezien, gekend, als vrouw, als man, als mens.

(melodie “O Heer die daar des hemels tente spreidt…”)

Ik denk ook aan het enige, mooie lied (naast het Wilhelmus) in ons liedboek over
bevrijdingsdag, Lied 709, van Ad den Besten met de bede:
Raak ons weer aan met levensadem, lente-tijding, en doe met krachten ter bevrijding ons hier
in Christus’ vrijheid staan.

Ik wens ons allen een bijzondere Bevrijdingsdag.

C.Nieuwenhuizen

Meditatie 2

Jezus stak zijn hand uit, raakte hem aan en zei: ‘Ik wil het, word rein!’

Lucas 5: 13

Een melaatse komt bij Jezus en vraagt om hulp. De melaatse is iemand die op afstand moet
blijven, liefst op meer dan 1½ meter. Want hij is misschien besmettelijk. Hij is iemand die
potentieel een nare ziekte kan overdragen. En daarom moet hij afstand houden van anderen.
‘Social distancing’ noemen we dat tegenwoordig.

‘Jezus stak zijn hand uit en raakte hem aan.’
Het is merkwaardig hoe een Bijbelvers in deze bijzondere tijd ineens een andere klank kan
krijgen. Want aanraken doen we elkaar niet meer, tenzij je in één huis woont.
We zijn onvoorbereid in een wereld beland, waarin ik de ander niet meer mag aanraken,
waarin elkaar aanraken ‘not done’ is, waarin de ander mogelijk een gevaar voor mijn
gezondheid vormt.
Het is allemaal nodig om er voor te zorgen dat de verspreiding van corona enigszins
beheersbaar blijft. Maar wat is onze wereld daardoor ook arm geworden.
Geen handdruk bij het begin of einde van een gesprek.
Geen knuffel van je kinderen of kleinkinderen.
Geen mogelijkheid om je ouders te bezoeken en ze even te troosten in hun alleen-zijn.
Geen hand op de schouder.
Geen troostende aanraking bij het verlies van een geliefde.
Geen met een handdruk bevestigde vredesgroet.
Geen brood en wijn die doorgegeven worden door mijn broeder of zuster in de kerk.

Meer dan ooit ontdekken we ook dat we lichamelijk zijn. Dat het niet alleen om gebaren gaat,
maar dat ons lichaam een eigen taal spreekt en verstaat. Onze lichamelijkheid is wezenlijk
voor ons bestaan. Aanraking, contact van huid op huid, seksualiteit – dat alles is niet een
toevoeging aan ons leven, maar het is deel van ons leven. In de media kom ik het woord
‘huidhonger’ tegen. Ik lees ergens: “Aanraking is een eerste levensbehoefte. De term
‘huidhonger’ komt uit de kraamzorg omdat baby’s hier echt last van hebben; zij hebben een
hele sterke behoefte aan huid op huidcontact.”

Ja, ik heb huidhonger. Misschien had ik het een poosje geleden niet durven zeggen. Maar nu
wel.

In de kerk was er soms meer aandacht voor de ziel dan voor het lichaam.
Maar het lichaam is ons ook door de Schepper gegeven. En onze lichamelijkheid is meer dan
een toevoeging aan ons zijn. Ze is deel van ons zijn. We kunnen er van genieten, maar we
kunnen er ook aan lijden.

‘Jezus stak zijn hand uit en raakte hem aan.’
Misschien begrijpen we nu pas goed wat dat voor deze man betekend moet hebben. Hij wordt
niet behandeld als een potentiele verspreider van ziekte, maar als medemens, als broeder.
Op dit moment is afstand houden verstandig. Het gaat ook allemaal. Vergaderen blijkt ook
via Skype te kunnen en contact houden met je ouders, kinderen, familie of vrienden kan ook
via WhatsApp of FaceTime. Zelfs avondmaal kun je thuis bij de tv of laptop vieren. Maar het
blijft behelpen … En vandaag lees ik in het nieuws dat de Harvard-Universiteit aangeeft dat
dat nog heel lang kan duren.

Op dit moment is afstand houden verstandig. Maar soms ben ik bang dat de angst voor de
ander ons in de toekomst zou kunnen beheersen en ons daartoe brengt afstand te houden als
het niet nodig is.

Dat verhoede God.

We hebben elkaar nodig. We zijn geschapen als mensen die zonder elkaar niet kunnen.

Jan-Gerd Heetderks